Vrijdag 23 mei

Dordrecht - Saint-Jean-Pied-de-Port  

 

 

Heenreis

 

 

 

 


 

Op 23 mei is het grote ogenblik dan aangebroken. Al om kwart over vijf ’s ochtends brengt Annet me in de stromende regen naar het station, waar ik om tien over half zes  met een rugzak met ongeveer elf kilo aan bagage in Dordrecht op de trein naar Brussel stap. Tegen de tijd dat we Bayonne naderen begin ik me enige zorgen te maken, want we hebben inmiddels vertraging opgelopen en ik heb in Bayonne maar een kwartier om de trein naar Saint Jean Pied de Port te halen. Gelukkig zijn we hier in Zuid Frankrijk en niet in Nederland, dus heeft de trein naar Saint Jean netjes gewacht tot wij gearriveerd zijn. Een probleem is wel dat ik geen gelegenheid meer heb om een kaartje te kopen, want in Nederland kon ik maar een kaartje tot Bayonne krijgen en Frankrijk hanteert net als Nederland het treintarief. De conductrice kan ik gelukkig overtuigen van dit geval van overmacht en ik kan van haar een kaartje kopen tegen de normale prijs. In de trein ontmoet ik mijn eerste medepelgrims, Dirk uit Eupen (België) en Nuala uit Ierland.  Halverwege blijkt de spoorlijn geblokkeerd, zodat de het laatste stukje per bus moeten afleggen. Gelukkig is het maar een kleine boemeltrein en geen stampvolle intercity, zodat alle passagiers in de al gereedstaande bus kunnen. Om half vijf kunnen we na een mooie rit door de uitlopers van de Pyreneeën voor het station van Saint Jean uitstappen. Inmiddels voel ik me aardig uitgewoond na de lange reis.

 

  Saint Jean Pied de Port

 

Saint Jean Pied de Port is een plaatje. Een fraai historisch vestingstadje aan de voet van de bergen, blinkend opgepoetst door de Franse monumentenzorgers. Met de daarbij behorende keerzijden. Veel toeristen en een hoop kitsch in de winkels. Doordat ik al telefonisch een plaats heb gereserveerd in een gîte d’étape hoeft ik niet naar onderdak te zoeken. Ik kom terecht in een oud huis. In een gangetje staan twee stapelbedden. Drie ervan zijn leeg. Een van de onderste bedden is al bezet door Christian, een specialist op het gebied van mobiele telefonie uit Picardië, die zijn pensioen wilde beginnen met het lopen van de camino om al lopende over de invulling van zijn bestaan na zijn pensionering wil nadenken. Hij is een echte ‘grand pelerin’ die zijn pelgrimstocht vanuit zijn huis in Noord-Frankrijk is begonnen. Het klikt meteen tussen ons en mijn Frans blijkt voldoende om een gesprek te kunnen voeren. Christian komt me daarin tegemoet door niet al te snel te spreken en zoveel mogelijk voor mij onbekende woorden te vermijden. De overige bedden in de refugio blijken te worden bezet door een groep uit Aix en Provence die eveneens de Camino loopt. Zij zijn hun tocht begonnen in Le Puy, evenals het merendeel van de Fransen die op deze tocht mijn reisgenoot zijn.

Een van de eerste dingen die ik vandaag hier moet doen is mij bij het bureau van de camino laten registreren als pelgrim en een eerste stempel laten zetten in de pelgrimspas, die ik van het Nederlandse genootschap van Sint Jacobus heb gekregen. Het kantoortje van het genootschap wordt bevolkt door drie vriendelijke oudere heren, die mij een formulier laten invullen en ik krijg van hen mijn eerste stempel in mijn pas.

Om alleen te eten in een restaurant heb ik geen zin en daarom koop ik in een winkel een blik linzen met worst, een paar verse tomaten en een pakje (Bulgaarse) yoghurt en gebruik voor het eerst het pannensetje dat ik mee heb genomen. De gîte heeft gelukkig een kookgelegenheid. Ook de andere bewoners koken voor zichzelf. De locale horeca heeft vanavond aan ons geen beste klant. Na het eten brouwt een van de dames uit Aix een tisane en Christian en ik worden ook uitgenodigd om een kop mee te drinken. Het wordt een genoeglijke avond en ik begin al een beetje het camino-gevoel (wat dat dan ook zijn mag) te krijgen.  Als we gaan slapen blijkt Christian een stevige snurker, maar niet zo erg dat ik er niet van kan slapen. Helaas, als ik bijna ben vertrokken, komen er op de valreep twee Vlaamse fietsers, die nog net een bed hebben gevonden. Hoewel ze ontzettend hun best doen om zo min mogelijk herrie te maken, ben ik toch weer klaarwakker en het duurt lang voordat ik eindelijk in kan slapen.