Dinsdag 27 mei

 

Larrasoaina - Pamplona - Cizur Menor

19 km.

 

 

Dag 4

 

 

 

 

 


  

Het gezelschap valt alweer uiteen

 

Om zeven uur ontbijten we in het restaurant van gisteren. Daarna vertrekken we voor het eerst met mooi weer. Het lommerrijke pad loopt door een idyllisch rivierdal, dat enigszins aan Noord-Italië doet denken. Na de pelgrimsherberg van Arre is het gedaan met de landelijkheid en komen we in de voorsteden van Pamplona. Dit gedeelte is niet echt interessant maar lang niet zo onaangenaam als bij de andere grote steden, later op de camino. In een park aan de rand van het centrum van Pamplona is ons reisgezelschap weer grotendeels compleet en gezamenlijk lopen we via een steile helling door twee poorten het centrum van Pamplona binnen. Allereerst gaan we op zoek naar de ingang van de kathedraalen het bijbehorende museum. 

 

 

Op weg naar Pamplona

 

De kathedraal heeft een vrij banale 19de eeuwse voorgevel, die niet doet verwachten dat er een prachtige gotische kerk met een mooie kloostergang achter ligt. Ook het museum is de moeite waard, maar omdat ik hier al eens eerder ben geweest ben ik eerder uitgekeken dan de anderen en ik ga op zoek naar het centrale plein om een eerste telefoontje naar huis te plegen en te lunchen. Het de vorige keer zo gezellige plein blijkt inmiddels een enorme bouwput te zijn geworden voor de aanleg van een ondergrondse parkeergarage. Verder is het opvallend dat in Spanje pollers om onnodig verkeer uit de historische binnensteden te weren heel normaal zijn. En daar doen ze dan bij ons in Dordrecht zo moeilijk over!  

Ik maak nog een wandeling door de gezellige winkelstraten. Pamplona is een mooie en elegante stad, waar veel te zien is, maar de camino trekt toch meer en ik wil hier daarom niet al te lang blijven. Voor de plaatselijke (kleine) refugio zit al een groot aantal pelgrims  te wachten tot de poort open gaat. Daarom loop ik, zoals ik ook met de anderen had afgesproken, door naar Cizur Menor vijf kilometer verderop. Als ik langs het uitgestrekte universiteitscomplex loop voel ik dan toch de eerste blaar. Na in een parkje mijn voet te hebben verzorgd met compeed (volgens een medepelgrim is Sint Compedius de beschermheilige van alle wandelaars), vervolg ik mijn weg naar Cizur Menor. Het is inmiddels behoorlijk warm geworden en ik ben blij als ik er eindelijk ben. Ook deze refugio is niet al te groot, en daarom wordt er i.v.m. het heilig jaar in 2004  een groot stuk aangebouwd. Het sanitair is opnieuw erg beperkt, maar de slaapzalen zijn ruim en koel. Het grootste pluspunt van deze refugio is de enorme tuin, met uitzicht op de Sierra del Perdon, waar we morgen overheen moeten. We besluiten vanavond maar hier te eten en samen met Hermann en Christiane ga ik op zoek naar een winkel. Terwijl we de refugio verlaten zien we ook Bettina, Marlene en Barbara arriveren. We zijn weer compleet, denken we!

 

 

 

Pamplona, kathedraal

 

De winkel is echter behoorlijk ver weg en mijn slippers zijn niet geschikt voor een lange wandeling. Wat dat betreft zijn Hermann en Christiane beter uitgerust. Daarom ga ik maar eerder terug naar de refugio, waar Trix me vertelt dat onze vriendinnen te lang in Pamplona zijn wezen statten en daardoor te laat waren voor een plaats in de refugio. Inmiddels zijn ze met een taxi naar de volgende refugio gegaan, twaalf kilometer verder. Dat betekent dat ze nu een halve dag voorsprong hebben en we ze in ieder geval voorlopig niet meer zullen zien. Met name het onverwachte afscheid van Marlene en Barbara doet me pijn. In twee dagen tijd was ik erg op allebei gesteld geraakt. Wat dat betreft lijkt de  camino op een verkorte versie van het werkelijke leven. Mensen leren elkaar kennen en waarderen, worden vrienden en ineens, vaak onverwacht, moet weer afscheid worden genomen, vaak voor altijd. 

Vanuit de receptie van de refugio klinkt zacht een CD met liederen uit Taizé. Het blijkt wij ons allemaal sterk aangetrokken voelen tot het gedachtegoed en de liturgie van deze internationale geloofsgemeenschap. Dat geeft een enorme band en ik heb vanavond het gevoel alsof wij elkaar al jaren kennen. We blijven de hele avond doorpraten en voor we het weten nadert het tijdstip waarop het pelgrimsbedtijd is en het klokje van gehoorzaamheid ook voor ons slaat.